top of page
Zoeken

De jaarplanning als moment van waardering en inzicht in neurodivergent talent

Foto van schrijver: Renée Malone
Renée Malone
3 sep
12 minuten om te lezen

September en oktober bepalen vaak meer dan alleen het budget voor het komende jaar. Ze bepalen wie er gevraagd wordt voor welk werk, welke teams worden gebouwd rondom daadwerkelijke vaardigheden, en welke mensen weer een jaar lang worden gehouden aan een de standaard van de "veelzijdige" "betrouwbare"all-round collega. En veel mensen hebben geen idee hoe belangrijk deze cyclus is. Ze merken alleen het eindresultaat: wie date ene leuke nieuwe project krijgt en wie weer onzichtbaar blijft, zonder volledig te begrijpen waarom. Soms voelt het alsof je nooit aan dat gewenste project mag meedoen, omdat je tekortkomingen zo zichtbaar zijn — zelfs als je sterke punten net zo uitzonderlijk zijn. Om de een of andere reden lijkt die piek in talent, zo hoog als Mount Everest, niet even belangrijk te zijn als de dip in een andere vaardigheid, die zo diep lijkt als de Marianentrog.


En weet je wat? De mensen die dit voelen zijn vaak neurodivergente werknemers, omdat zij vaak beschikken over wat psychologen en experts op het gebied van inclusie op de werkvloer 'spiky profiles' (piek-en-dalprofielen) (1) noemen. Iemand kan een uitzonderlijke kracht tonen in patroonherkenning, systeemdenken, geheugen, visueel redeneren, kwaliteitscontrole, schrijven, crisisbeheersing of originele probleemoplossing, terwijl andere taken werkelijk uitputtend of moeilijk voor ze zijn. De kloof tussen kracht en zwakte kan zo groot zijn.


De jaarplanning is het juiste moment om die kloof te behandelen als waardevolle informatie, en niet als een tekortkoming in prestaties. Deze aanpak leidt niet alleen tot betere planningsresultaten, maar ook tot meer betrokken werknemers. En het is eerlijker, omdat talent en zwakte hetzelfde gewicht krijgen in de weegschaal wanneer er beslissingen worden genomen over wie waar wordt ingezet.


Wide-angle view of a mountain trail with coloured route markers on a wooden signpost
Goede planning maakt het pad duidelijker voordat de klim begint.

Jaarplanning moet ook gaan over het inzetten van menselijk kapitaal, niet alleen over fte'st


De meeste planningscycli stellen bekende vragen:


  • Welke projecten staan er op de roadmap?

  • Welk budget hebben ze nodig?

  • Welke rollen moeten er nog worden ingevuld?

  • Welke teams zitten aan hun maximale capaciteit?


Die vragen zijn nuttig, maar missen nog iets. Een project slaagt niet alleen omdat een spreadsheet zegt dat er zes mensen aan toegewezen zijn. Het slaagt omdat de juiste mix van denkstijlen zich door onzekerheid, details, uitvoering, communicatie en verandering kan slaan zonder dat mensen in een burn-out raken.


Neurodivergentie — een term die eind jaren 90 werd geïntroduceerd door sociologe Judy Singer — ziet neurologische verschillen zoals autisme, ADHD, dyslexie, dyspraxie, syndroom van Gilles de la Tourette en andere als onderdeel van de natuurlijke menselijke variatie. Dat betekent niet dat elke uitdaging verdwijnt. Het betekent dat de werkvloer moet stoppen met het behandelen van één specifieke stijl van aandacht, communicatie, leren en energiemanagement als de 'standaardinstelling' van de mens.


Plan teams rondom complementaire stijlen, niet alleen rond taken alsof de ene werknemer ingeruild kan worden voor de ander.


Dit is natuurlijk makkelijker gezegd dan gedaan.


Het oude model vraagt van iedereen om voor de meeste dingen een zesje te scoren; gemiddeld tot goed. Kijkend naar de spreiding van vaardigheden bij neurotypische mensen is dat niet te veel gevraagd: de meesten schommelen voor de meeste dingen rond het gemiddelde, met beperkte uitschieters. Neurodivergente mensen kunnen echter uitgesproken sterke punten hebben en juist op andere gebieden het disproportioneel moeilijk hebben. Hun vaardigheidspatroon vertoont ongewoon hoge pieken en diepe dalen — het eerder genoemde Spiky Profile.




In het oude model woont iedereen elke vergadering bij, houdt iedereen stakeholders in dezelfde mate op de hoogte, schrijft iedereen elke update, gaat iedereen oké om met onduidelijkheid, houdt iedereen zelf goed het overzicht, schakelt iedereen voortdurend tussen taken én levert iedereen specialistisch werk op. Van iedereen wordt verwacht dat ze dit alles op een gemiddeld niveau doen. Dat model is voor veel mensen best hard werken, en bijna iedereen erkent dat het niet heel efficiënt is, maar het is te doen. Echter voor sommige neurodivergente werknemers is zo werken hetgeen wat neurodivergentie doet voelen als een handicap.


De betere vragen zijn dan:


  • Waar levert deze persoon buitengewoon sterk werk af?

  • Waar verliezen ze energie, nauwkeurigheid of zelfvertrouwen?

  • Welke team samenstelling of structuur zorgt ervoor dat hun sterke punten vaker tot uiting komen?

  • Wie doet wat binnen de teams, en waarom?

  • Welke obstakels kan je als leidinggevende wegnemen voordat het een struikelblok wordt?


Deze vragen horen thuis in de jaarplanning discussies en voorbereiding. Tegen de tijd dat een project al achterloopt, is het namelijk veel moeilijker om dit nog te bij te stellen. De manager blijft dan achter met escalaties, overwerk en vage aanmoedigingen. Oktober is een beter moment om het werk goed in te richten dan maart om het te moeten redden.


Herken opvallend talent door te kijken naar een patroon


Dit soort talenten en vaardigheden kondigen zichzelf zelden aan in de taal van functieomschrijvingen; ze worden zichtbaar in patronen.


Een neurodivergente medewerker zal wellicht niet snel zeggen: "Ik beschik over uitzonderlijk systeemdenken." Maar het is wel de persoon die de verborgen afhankelijkheid opmerkt die de hele roadmap zou kunnen laten vastlopen. Iemand met ADHD noemt zichzelf misschien niet sterk in daadkracht of divergent denken, maar het is wel degelijk de persoon die drie mogelijke omwegen vindt voor een geblokkeerd opleverpad nog voordat anderen het probleem überhaupt hebben benoemd. Een autistische collega zal wellicht niet te koop lopen met hun oog voor detail, maar het is wel degelijk degene die de uitschieters in een proces vindt waar iedereen anders overheen heeft gekeken.


Het is niet de taak van managers om medewerkers te labelen of nog erger een diagnose toe te dichten. Leidinggevenden moeten niet voor dokter spelen. De taak is om het werk objectiever te observeren — en te stoppen met het laten overschaduwen van uitzonderlijke kwaliteiten door aanzienlijke uitdagingen. Neem mijn eigen profiel: geef mijn vermogen om te netwerken en de mensen met elkaar te verbinden exact hetzelfde gewicht als mijn tijdblindheid.


de bewijslast omvat dan:

  • Werkvoorbeelden die een ongewoon hoge kwaliteit, snelheid, originaliteit of consistentie laten zien

  • Herhaalde feedback van collega's over waar de persoon zeldzame waarde toevoegt

  • Situaties waarin de persoon in een staat van diepe focus (hyperfocus) of hoge betrokkenheid raakt

  • Problemen die de persoon oplost en die anderen juist vermijden of over het hoofd zien

  • Taken waar de persoon steeds naar terugkeert omdat ze aansluiten bij hun manier van denken


Beoordelingsgesprekken halen regelmatig de nuance uit dit soort bewijs. Ze belonen gemiddelde competentie over een generieke lijst van categorieën en onderscheiden mensen voornamelijk door hun zwakke punten onder de loep te nemen. De jaarplanning heeft een compleet andere insteek nodig: vraag jezelf af wat de persoon in staat is te doen wanneer de omstandigheden daadwerkelijk zo zijn ingericht dat ze kúnnen slagen.


Voor een manager kan dit er dan zo uit zien:


Vaardigheid

Bewijs

Omstandigheden voor succes

Vindt snel de gebreken in complexe informatie

Vindt steeds de datafouten vóór de release.

Duidelijke criteria voor wat succes is en tijd om in stilte te kunnen analyzeren.

Verbindt ideëen tussen teams

Stelde alternatieve oplossingen voor toen twee projecten met elkaar in conflict kwamen.

Vroegtijdige toegang tot context en informatie. De ruimte om ideeën uit te werken.

Maakt zich snel nieuwe technologie eigen.

Had binnen 1 dag al een bruikbaar begrip van een nieuwe tool.

Zelfstudie en een schriftelijke handleiding / werkinstructies.

Merkt verwarring op bij gebruikers.

Instructies herschreven waardoor het aantal vragen onder ondersteuning afnam.

Heldere voorbeelden en de tijd om A/B tests uit te voeren.


Dit is geen voorkeursbehandeling. Het is elementaire resourceplanning.


Onderzoek en praktijk tonen al lang aan dat de match tussen werk en functie van invloed is op prestaties en welzijn. Datzelfde principe geldt hier. Als iemands sterke punten centraal staan ​​in het projectontwerp, is de kans groter dat die persoon een hoogwaardige bijdrage levert. Als hun grootste belemmeringen zich juist in de kern van de functie bevinden, lijdt het team daaronder.


Close-up view of differently shaped stones arranged beside a paper map on grass
Door verschillende vormen zorgvuldig te plaatsen, kunnen ze een duidelijkere route creëren.

Erken uitdagingen eerlijk, maar laat ze niet iemands volledige profiel bepalen.


Een benadering die uitgaat van kwaliteiten wordt nep en toxic positivity als je de impact van knelpunten negeert of bagatelliseert.


Sommige mensen zijn briljant in analyses, maar vinden snel schakelen tussen taken erg zwaar. Sommigen leveren buitengewoon creatief werk af, maar stellen teleur omdat ze onregelmatig of zelfs slordig zijn in routinematige administratie. Sommigen communiceren uitstekend op schrift, maar klappen dicht tijdens een live discussie. Sommigen kunnen zich urenlang focussen op ingewikkelde details, maar komen amper op gang als een taak te vage kadering heeft. En sommigen zijn zeer gevoelig voor geluid, onderbrekingen, conflicten, verlichting of onduidelijke verwachtingen.


Dit zijn geen karakterfouten. Het zijn feiten waarmee je rekening moet houden bij de inrichting van het werk.


Het is aan een manager om die feiten open te kunnen aankaarten. Zonder schaamte te veroorzaken. Dit vraagt om nuance en weloverwogen taalgebruik.


In plaats van te vragen: “Waarom kun lukt het je niet om je stakeholders te informeren?”, kun je beter de vraag stellen: “Welke delen van de updatecyclus zorgen voor de meeste wrijving?” En een eerlijk antwoord zou kunnen zijn dat de medewerker de waarde van deze stakeholder updates niet inziet, omdat hij zelf dergelijke updates als overbodig beschouwt. Dat is een verschil in stijl, geen moreel falen. En een verschil in stijl kan overbrugd worden.


In plaats van te eisen: "Je moet je flexibeler opstellen", vraag je: "Hoeveel vooraankondiging of tijd heb je nodig om je aan te passen zonder de draad kwijt te raken?" Accepteer dat verandering voor sommige mensen altijd een zwaar zal blijven. Zodra je stopt met verwachten dat iedereen verandering met open armen zal omarmen, kun je je richten op het beheersen van de gevolgen – bijvoorbeeld door rustmomenten in te plannen zodat ze kunnen opladen en tot rust komen.


In plaats van: "Slechte luisteraar", kun je beter noteren: "Mondelinge updates zijn moeilijk te verwerken. Schriftelijke samenvattingen zijn toegankelijker." Bepaal vervolgens of live mondelinge updates noodzakelijk zijn. Zo ja, is er iets mogelijk om ze makkelijker te maken voor de medewerker die er moeite mee heeft? Door bijvoorbeeld meer pauzes om de informatie te verwerken, of live transcriptie zodat de medewerker zowel kan lezen als luisteren naar wat anderen zeggen.


Goede planning onderscheidt drie dingen die vaak door elkaar worden gehaald:


Werk probleem

Betere vraag

Mogelijke ondersteuning

De persoon onthoudt de details van de vergadering niet.

Hoe wordt informatie vastgelegd en gedeeld?

Schriftelijke beslissingen, duidelijke verantwoordelijkheden, notulen van vergaderingen

Deze persoon vermijdt onduidelijke taken.

Welke informatie mist er nog?

Voorbeelden, afspraken over wanneer iets af is, duidelijke stappen.

Deze persoon raakt van slag als ze onderbroken worden.

Hoeveel focus tijd is er nodig voor deze taak / dit werk?

Vastgelegde focus./werk blokken in de agenda. Terugdringen van ad-hoc verzoeken.

Deze persoon reageert heftig op plotselinge koerswijzigingen.

Hoe lang vantevoren kan het team een koerswijziging of mogelijke verandering aankondigen?

Vroegtijdige waarschuwing, een change log en tracker, prioriteit reset meeting


Het gaat er niet om alle ongemak en wrijving weg te nemen. Groei blijft belangrijk en vraagt om uitdaging. Maar groei werkt het best wanneer mensen niet het grootste deel van hun energie besteden aan het verwerken van voorspelbare energie-zuigers.


Wees doelgericht bij het samenstellen van het team met complementaire profielen.


Projectteams worden vaak samengesteld op basis van beschikbaarheid. Iemand heeft de ruimte, dus die wordt gevraagd. Iemand kent het systeem, dus die krijgt dat werk. Iemand is betrouwbaar, dus die wordt de steunpilaar voor alles.


Zo raken teams overbelast met onzichtbare taken.


Het is efficienter om al in de jaarlijkse plannen mensen te koppelen op basis van complementaire profielen. Dit werkt vooral goed wanneer de extreme kracht van de ene persoon samengaat met het natuurlijke gemak van de andere.


Bijvoorbeeld:


Sterk profiel

Mogelijke valkuil

Aanvullend profiel

Sterke technische specialist

Vindt het lastig om de details te vertalen voor leken.

Communicator die updates kan schrijven en vragen kan vertalen.

Big-picture idea generator

Vindt het misschien moeilijk om dingen in de juiste volgorde in te plannen of dingen af te maken.

Resultaatgerichte planner die houdt van het afronden van projecten.

Detail georiënteerde kwaliteitsexpert

Gaat te lang door in de zoektocht naar perfectie en probeert alle mogelijke uitzonderingen te voorspellen.

Iemand die goed prioriteiten kan stellen en kan bepalen wanneer iets goed genoeg is én dat kan uitleggen

Iemand die goed reageert als er een crisis is

Vindt het misschien lastig om alle administratieve taken op tijd uit te voeren.

Een procesgerichte collega die graag dingen vastlegt (of een AI die de medewerker ondersteunt).

emand die graag schrijft en leest

Vindt workshops en trainingen vermoeiend

Een workshop leider / trainer die vantevoren zoveel mogelijk al deelt zodat iemand in stilte al voorbereid is

Self-paced online leerwegen.


Deze samenwerking mag geen ouder-kindrelatie creëren. De één is er niet om de ander te 'begeleiden' of diens "rommel" op te ruimen. Beiden leveren een waardevolle bijdrage. Beiden ontvangen ondersteuning van elkaar. Idealiter kunnen beiden het werk doen waar ze echt plezier in hebben en waarvoor geprezen worden.


Managers kunnen dat evenwicht beschermen met drie duidelijke afspraken.


Definieer het gezamenlijke resultaat.

Het duo moet weten wat ze samen bezitten, niet alleen wat ieder individu moet doen.


Benoem de overdrachtsmomenten.

Als één persoon de opties onderzoekt en een ander het uitvoeringsplan uitwerkt, spreek dan af wanneer het onderzoeksfase stopt en de planning begint.


Maak onzichtbaar werk zichtbaar.

Vertalen, ordenen, documenteren, herinneren en verwarring wegnemen zijn echte bijdragen aan het project. Ze moeten terug te zien zijn in de werklast en de erkenning krijgen die ze verdienen.


Dit is waar het vaak fout gaat. De persoon met sterke organisatorische vaardigheden draagt ​​stilletjes de last die door de rest van het team wordt veroorzaakt. De persoon met zeldzaam specialistisch inzicht wordt geprezen om zijn of haar briljante werk, maar hoort nooit hoe zijn of haar bijdrage de resultaten beïnvloedt. Beide patronen leiden tot wrok.


Een manager kan dit voorkomen door de koppeling te beschouwen als een ontwerpkeuze, en niet als een gunst.

Eye-level view of two hikers placing trail markers on a rocky path
Complementaire rollen werken het beste wanneer de route en de overdrachten duidelijk zichtbaar zijn.

Bouw de structuur die frictie beperkt voor je aan het werk begint


Sterke punten bij neurodivergentie komen zijn vaak sterk afhankelijk van de omgeving. Iemand die in een lawaaierige omgeving met veel onderbrekingen snel afgeleid lijkt, kan uitstekend werk leveren wanneer hij of zij zich volledig kan concentreren. Iemand die aanvankelijk weerstand lijkt te bieden bij een vaag project, kan snel aan de slag gaan zodra het doel, de verantwoordelijke en de volgende stap duidelijk zijn.


Ondersteuning hoeft niet ingewikkeld te zijn; Het moeten vooral voorspelbaar zijn. En onthoud: structuur draait niet alleen om tools of software — het is ook het proces. Het is de manier waarop werk wordt omgezet in tijd en taken.


Standaard capaciteitsplanning telt alleen klokuren. Dat gaat volledig voorbij aan wat écht energie kost: snel schakelen tussen taken, prikkelverwerking, emotionele belasting en vage opdrachten die neurodivergente werknemers al uitputten lang voordat het echte werk überhaupt begint.

Iemand kan op papier zes uur vrij hebben en toch geen bruikbare focus meer over hebben. Een ander levert misschien vroeg op de dag hun beste werk of verliest nauwkeurigheid na een reeks opeenvolgende vergaderingen. En weer iemand anders presteert uitstekend op de inhoud, zolang ze niet ook nog achter elke reactie aan hoeven te jagen.


Vraag je tijdens de jaarlijkse planning af waar in een project de grootste cognitieve belasting zit. Bepaal vervolgens wie het meest geschikt is om elk onderdeel op zich te nemen en onderzoek of nieuwe technologieën kunnen bijdragen aan het verlichten van de last.


De manager als stratenmaker


Een project roadmap suggereert een rechte weg van begin tot eind. In de praktijk komen er echter hobbels, geblokkeerde paden en slechte bewegwijzering voor. Managers kunnen niet elk obstakel verwijderen, maar ze kunnen wel de weg onderhouden.


Dat betekent dat we de omstandigheden aan het licht moeten brengen die sterke kanten zichtbaar maken, en dat we potentiële obstakels in kaart moeten brengen voordat ze zich voordoen.


Wat een manager dan concreet kan doen:


  • Een maandelijkse evaluatie of iedereen genoeg tijd neemt voor waar ze goed in zijn

  • Een controle of ondersteunende taken eerlijk verdeeld zijn

  • Een check op vergaderingen, overdrachten en besluitvormingsmomenten die herhaaldelijk voor wrijving zorgen

  • Evalueren of er dingen zijn waar je mee kan stoppen

  • Een geplande herijking wanneer prioriteiten veranderen

  • Een persoonlijk gesprek over wat goed werkt en wat juist energie kost


De beste vraag is dan: "Wat maakt je werk harder dan absoluut nodig is?"


En luister dan niet alleen naar de problemen van het individu, maar let ook op de systemische issues.


Als drie mensen dezelfde overdracht verkeerd begrijpen, is de overdracht onduidelijk. Als dezelfde persoon steeds faalt in een taak die ver van zijn of haar sterke punten verwijderd is, zitten ze waarschijnlijk niet op de juiste taak. Als een neurodivergente medewerker telkens om schriftelijke instructies vraagt, is het antwoord niet om veerkracht te prijzen als ze dingen toch voor elkaar krijgen. Het antwoord is om dan standaard ook schriftelijke instructies te verstrekken.


Ook deze ondersteuning moet worden geëvalueerd. Iets wat in januari nuttig was, past mogelijk niet meer bij een ander project later in het jaar. Een samenwerking die tijdens de verkenningsfase goed werkte, moet wellicht tijdens de uitvoeringsfase worden aangepast. Goede managers passen de structuur aan naarmate het werk verandert.


Overhead view of a repaired path with fresh gravel leading through a green field
Kleine aanpassingen aan de weg kunnen constante vooruitgang mogelijk maken.

Plan het team voor de druk zich voordoet


De jaarlijkse planning is een zeldzame kans om weloverwogen keuzes te maken voordat deadlines opties beperken.


De sterkste teams bestaan ​​niet uit alleskunners die elke taak op dezelfde manier uitvoeren. Ze bestaan ​​uit mensen van wie de sterke punten worden erkend, van wie de uitdagingen zonder schaamte worden benoemd en van wie het werk zo is vormgegeven dat hun verschillen op de juiste manier benut worden.


Voor neurodivergente werknemers kan dit het verschil betekenen tussen als onbetrouwbaar of inconsistent worden beschouwd enjuist als uitzonderlijk worden erkend. Voor managers betekent het minder vermijdbare problemen, een beter gebruik van talent en een routekaart die aansluit op de manier waarop mensen daadwerkelijk werken.


De volgende planningscyclus beantwoord een extra vraag over de benodigde middelen: Onder welke omstandigheden kan elke medewerker hun daadwerkelijke potentiëel waarmaken?


Beantwoord die vraag op tijd en je projecten zullen een stevigere fundering bevatten.


Referentie

Baron-Cohen, S. (2002). The Extreme Male Brain Theory of Autism. PubMed Central.


 
 
 

Opmerkingen

Beoordeeld met 0 uit 5 sterren.
Nog geen beoordelingen

Voeg een beoordeling toe
LOGO 1_edited.jpg

Renée Malone

Eindhoven

Privacy Policy

Accessibility Statement

© 2035 by Renee Malone. Powered and secured by Wix 

bottom of page